Op 24 september zette Marc Vanheukelen, voormalig EU Ambassadeur bij de Wereldhandelsorganisatie (2015-19) zijn visie uiteen over de impact van de “Trump era” op de internationale handel.

Europa en de VS zijn elkaars belangrijkste handelspartners. Ze zijn ook elkaars primaire bron van buitenlandse investeringen (EU bedrijven zijn goed voor 45% van alle directe buitenlandse investeringen in de VS). Een goede handelsverhouding tussen de EU en de VS is dus van primordiaal belang voor beide economieën.

Vijf argumenten werden aangehaald voor de tariefverhoging:

  • Men verwacht dat de importtarieven 300 miljard extra overheidsinkomsten opleveren. Het is nog niet duidelijk echter wie die zal betalen: de consument, de importeurs, of de buitenlandse producenten. Bovendien is de 300 miljard slechts een fractie van het gat in de Amerikaanse begroting van 1800 miljard (2024) – dat groter dreigt te worden door de “One Big Beautiful Bill Act”.
  • Men hoopt dat de importtarieven zullen bijdragen aan de herindustrialisering van Amerika. Wat men mogelijk onderschat is de mate waarin de tarieven een kostenverhoging zullen teweegbrengen voor de lokale (vb. staalverwerkende) industrie.
  • Men wenst meer controle over invoerpatronen ten bate van de nationale veiligheid
  • Men wil oneerlijke handelspraktijken aanpakken: Men ziet uitvoer als winst, invoer als verlies; en beschuldigt de EU ervan via tarieven, belastingen en regelgeving Amerikaanse uitvoer af te remmen.
  • Via handelsmaatregelen wil men politieke doeleinden nastreven, om overheden in andere landen over te halen om (geen) beslissingen te nemen die Trump (niet) wenselijk acht (zoals in het geval van Brazilië).

De Turnberry deal van deze zomer lijkt weinig evenwichtig op het eerste zicht, met veel toegevingen door Europa, terwijl de VS tariefverlagingen cadeau kreeg, samen met beloftes om investeringen en energie-aankopen. Dit moet vooral gezien worden in Europa’ s streven naar verdere escalatie, de hoop op een einde aan de turbulentie en onzekerheid, en haar nood aan Amerikaanse steun voor de militaire ondersteuning van Oekraïne. Sommige van de afspraken zijn echter niet verenigbaar met internationale afspraken onder de WTO. De tekst moet bovendien nog goedgekeurd worden door de Raad en het Parlement, wat betekent dat er nog veel geamendeerd zal worden. Intussen blijft de WTO verweesd achter, met veel minder slagkracht dan voorheen, nu haar Beroepsinstantie sinds 2019 vleugellam is als gevolg van een blokkering van benoemingen, o.a. door de VS. In 2020 heeft de EU een tijdelijke regeling inzake beroep en arbitrage opgezet, waar tot nog toe 37 leden in toetraden, maar niet de VS, noch China. Daarenboven worstelt de organisatie nog met andere uitdagingen, waaronder een dringende nood aan modernisering en een politieke context waarin regeringsleiders almaar minder transparant zijn over het handelsbeleid dat ze voeren.

Wederom een boeiende avond bij de Leuven-Europa-Kring!